1

Wat moeten we weeral eten?

Yes! De asperges zijn er weer! Dat betekent wekelijkse uitstapjes naar 1 van de aspergeboeren over de grens, kilometers aspergeslierten en vreemde geurtjes in het toilet. Wij aten de voorbije weken véél asperges. Maar ook andere dingen… Hieronder een overzicht.

WEEK 1

Zaterdag: Gnocchi met blauwe kaas en paddenstoelen

Zondag: Griekse courgetteplaatkoek

Maandag: (Vegan) pita met pitabroodjes en koude groenten

Dinsdag: Loempia met rijst en curry

Woensdag: Pastasalade met geitenkaas. Koude pasta, paprika, maïs, komkommer, kerstomaatjes, rucola en stukjes harde geitenkaas. Ook leuk als lunch!

Donderdag: Gestoofde prei met natuuraardappelen en kabeljauwfilet

Vrijdag: Tjokvolle Italiaanse maaltijdsoep (en amai die was lekker). Turks brood on the side.

WEEK 2

Zaterdag: Broccolitaart met camembert en cashewnoten van Danny. Dat was toch de bedoeling. Ik vergat camembert te kopen, maar had gelukkig nog een groot stuk emmentaler. Minder pittig, maar wel lekker.

Zondag: Pasta met witte asperges en gerookte zalm

Maandag: Tortellini met champignons en aurorasaus. Ik had het er hier al een keertje over.

Dinsdag: Croques met cheddar, pesto en gegrilde courgette

Woensdag: Vegetarische burger met ovenfrietjes en avocado-fetasaus. Ik koos voor “kippenburgers”.

Donderdag: Parelcouscous met kip in tomatensaus. Maar aangezien we al “kip” hadden gehad de vorige dag, koos ik voor “schnitzel” die ik in reepjes sneed.

Vrijdag: Spinazie-quinoasalade met groene asperges, tuinerwten en witte kaas. Maar dan met witte asperges (want ik had nog overschot van de witte asperges en nog geen groene gekocht) en de witte kaas werd een beetje vergeten. Wel extra courgette toegevoegd, want die bleek ook nog in de koelkast te liggen.

WEEK 3

Zaterdag: Stoofvlees (nog steeds uit de diepvries, zie hier) met rijst en “pekes en ertjes”

Zondag: Pasta met scampi’s in pittige tomatenroomsaus

Maandag: Risotto met boschampignons

Dinsdag: Wraps met falafelballetjes, verse groentjes (sla, geraspte wortel, tomaat, ajuin) en véél looksaus

Woensdag: Frietjes (we blijven gezond doen 😉 )

Donderdag: Vegetarische moussaka met feta

Vrijdag: Noedelsoep met shiitake en paksoi. Met nog wat extra naan voor de liefhebbers.

WEEK 4

Zaterdag: Pasta pesto ovenschotel

Zondag: Pasta met kip, courgettes en asperge

Maandag: Vegetarische nasi

Dinsdag: Lentesalade met avocado, met stokbrood

Woensdag: Koude patatjes met mayonaise, ajuin en bieslook, worst en tomatensla

Donderdag: Gebakken gnocchi, spinazie en spekjes

Vrijdag: Sushicake

WEEK 5

Zaterdag: Overschotjes

Zondag: Witlooftaart met gerookte zalm

Maandag: Pasta met kerstomaten en feta in de oven, deze keer zonder brandwonden 😉

Dinsdag: Lentepasta met groene groenten

Woensdag: Venkelrisotto met geitenkaas, maar toen was er geen venkel in de winkel en koos ik voor prei

Donderdag: Spinaziepuree met fish-sticks

Vrijdag: Groentewraps met vegetarische schnitzel

WEEK 6

Zaterdag: uit eten – Wokpaleis

Zondag: Gebakken asperges met gebakken patatjes, rivierkreeftjes en hardgekookt ei

Maandag: Groentelasagna op schoonmoeders wijze (boordevol groenten, zonder bechamel)

Dinsdag: Romige pasta met ricotta, zure room, paprika en zongedroogde tomaten; dochterlief was chef van dienst

Woensdag: Lentestoofpotje met linzen, paprika en gegrilde kaas

Donderdag: Rijstsalade met veggieballetjes

Vrijdag: Vegan kapsalon

Als er nu nog iemand op Facebook durft posten dat zij/hij niet weet wat te koken, dan ga ik toch wel eens héél kwaad kijken 😉




Spoort de score?

Ik dacht dat ik het begrepen had. Tot ik onlangs een diepvries-pizza met Nutri-Score A in handen kreeg. Mijn verwarring transformeerde zich tot een diepe frons op mijn voorhoofd. Een gezonde diepvriespizza? Echt?!

“Niet echt,” wist de heer des huizes te vertellen, “maar het helpt wel om binnen dezelfde productcategorie te vergelijken welk artikel het gezondst is”. Ok, dus ik had uit het brede assortiment der diepvriespizza’s toevallig 1 van de gezondste exemplaren in mijn karretje geladen? Sterk werk. Al was ik toch nog niet helemaal overtuigd. Gelukkig ben ik dikke vriendjes met Google.

Op de site van het Vlaams Instituut Gezond Leven lees ik: “Dit label werd voor het eerst in Frankrijk ingevoerd en sinds augustus 2018 kiest ook België ervoor. Het is het eerste label waarvoor is aangetoond dat het consumenten helpt om gezondere voeding te kopen.”. België mag er dan al wel voor gekozen hebben; op mijn witte-producten-producten heb ik het label precies nog niet al te vaak zien verschijnen. Maar goed, verder lezen.

“De Nutri-Score is een visuele weergave van de voedingswaarde tabel en bestaat uit een kleur en een letter. Die combinatie geeft aan welke voedingsmiddelen binnen een bepaalde productgroep gezonder zijn dan andere.” Heel even (echt, heel even maar), dacht ik dat er dus meer dan 5 combinaties mogelijk waren. Maar nee. De kleuren en letters zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden en zijn een “nutritional traffic light”. Zoiets als de energielabels van huishoudtoestellen.

Het vermelden van de Nutri-Score van een product is niet verplicht. De producent bepaalt zelf of hij de deze vermeldt. Het vermelden van nutritionele informatie is dan weer wel verplicht, zelfs als de Nutri-Score al op de verpakking staat.

(Bij alcoholische dranken die meer dan 1,2% alcohol bevatten moet de voedingswaarde niet vermeld worden op de verpakking. Hierdoor kan de Nutri-Score niet berekend worden. Aan het andere einde van het spectrum zit babyvoeding, met een aparte wetgeving.)

De Nutri-Score is de optelsom van positieve en negatieve eigenschappen van het product. Het gehalte aan eiwitten, vezels en fruit, groenten en noten zorgt voor een plus. De hoeveelheid energie, suikers, verzadigde vetten en natrium zorgt voor een score die daarvan wordt afgetrokken. Op die manier kom je aan een score tussen -15 (heel erg “groen” en dus te verkiezen) en +40 (heel erg “rood” en dus te vermijden).

Maar lees vooral verder, want we zijn er nog niet. De site van Delhaize informeert me dat de Nutri-Score in het leven is geroepen om de voedingswaarde tussen 3 productgroepen te vergelijken:

  • gelijkaardige producten tussen verschillende merken. Voorbeeld: ontbijtgranen van het huismerk tegenover ontbijtgranen van een A-merk. Of die pizza die heel dit schrijfsel in gang zette.
  • verschillende producten binnen eenzelfde categorie. Voorbeeld: in de categorie ontbijtgranen kan je de scores tussen muesli en chocoladecornflakes vergelijken. Of de score van die pizza vergelijken met dikke pizzabroodjes.
  • verschillende producten met een gelijkaardige consumptie. Voorbeeld: yoghurt en pudding kan je allebei als vieruurtje verorberen en dus mag je gerust de scores vergelijken. Volgens Delhaize kan je lasagne en ontbijtgranen dan weer niet vergelijken, omdat je ze op een ander tijdstip consumeert. Ik laat in het midden of dat een universele waarheid is 😉

Hebben we dan alle info gehad? Maar nee gij! Want er zijn blijkbaar 4 modellen; het algemene (hieronder “vast voedsel”), dat voor kazen, dat voor dranken en dat voor vetten. Daar sta je dan als je om 4 uur een hongertje hebt en niet kan kiezen tussen een koekje of een stukje kaas. Helaas (pindakaas), een ander model Nutri-Score!

Laat je trouwens niet misleiden: de Nutri-Score wordt steeds berekend op 100 gram of milliliter van het product. Die pizza met A-label is dus maar voor 100 gram te verkiezen. Maar hij weegt wel 365 gram? Dus euh… Error. Geen idee wat ik met die volledige pizza moet. Ook niet met mijn olijfolie. Want die heeft Nutri-Score D, maar dat telt dan voor de volle 100 milliliter? Dat is wel een behoorlijke hoeveelheid om in mijn pan te kappen! Een gewone cola krijgt Nutri-Score D, maar de light/zero-versie is helemaal ok, want zoetstoffen worden niet in rekening gebracht. Additieven, kleurstoffen en pesticiden (!) trouwens ook niet. Om maar te zeggen dat Nutri-Score A niet per definitie “gezond” is. Noten zijn donkergroen (en wel gezond), maar laat dat geen vrijgeleide zijn om er onbeperkt van te eten. Je broeksriem zal al snel beginnen spannen.

In de war? Wacht, ik maak het nog leuker. Zelfs diepvriesfrieten hebben Nutri-Score A. Want de score kijkt enkel naar het product zoals het in de verpakking zit (“ne patat”) en houdt geen rekening met de manier waarop de consument het eindproduct bereidt. Kolkende olie of hete lucht? Nutri-Score doens’t care.

Terug naar mijn diepvriespizza die voor 100 gram Nutri-Score-gewijze “te verkiezen” is (boven andere pizza’s of zelfs boven andere producten met een gelijkaardige consumptie). De voedingsdriehoek ziet hem toch liever niet op het menu staan. En dat onschuldige light drankje? Mja… Schrap dat ook maar.

En eigenlijk ben ik wel geneigd de voedingsdriehoek gelijk te geven. Wat al wel bleek uit mijn initiële reactie toen ik de Nutri-Score van de pizza zag. Het Vlaams Instituut Gezond Leven splitst het hele gebeuren op in 2 stappen:

  1. Check eerst de voedingsdriehoek
  2. Vergelijk dan de Nutri-Scores die vergeleken kunnen worden

Lang verhaal kort: de Nutri-Score is verre van zaligmakend en het zou zot zijn om blindelings op de kleurencodes te vertrouwen. De score is een hulpmiddel wanneer je producten wilt vergelijken, maar het is geen op zichzelf staande classificatie. Vraag je dus steeds af in welke categorie van de voedingsdriehoek je aankoop zit.

En die pizza? Dat was er eentje uit The Good Baker-reeks van Dr.Oetker. En hij was lekker! 😉




Bikke, bikke, bik

Deel 3 in deze culinaire serie, want mijn maandmenu’s smaakten naar meer 🙂 Mocht je de rest gemist hebben, hier vind je deel 1 en hier deel 2.

Boodschappen doen we nog steeds op zaterdag, weekmenu’s zijn nog steeds geen grondwet en je kiest nog zelf steeds of je voor een luie-wijven-variant gaat. Leve de diepvriesgroenten!

WEEK 1

Zaterdag: Poké bowl bij Nui Poké als verjaardagsetentje

Zondag: Open lasagne met pesto, ricotta en Italiaanse groente

Maandag: Wortelstoemp met speckjes

Dinsdag: Rigatoni met romige saus, plantaardige balletjes en venkel

Woensdag: Noedels met sticky sriracha-aubergine, cashewnoten en garnalen

Donderdag: Falafelbowl met riso, tuinerwten, munt en hummus

Vrijdag: Vegetarische maaltijdsoep

WEEK 2

Zaterdag: Hummus met gegrilde groente en falafel

Zondag: Vegetarische tartiflette , maar laat je gerust gaan met de originele uitvoering. Zo lekker! (Ik vermoed dat het ondertussen moeilijk is om de geschikte kaas te vinden. Hou het recept zeker bij voor het najaar.)

Maandag: Naanbrood met wortelsalade en veggiereepjes , maar wel met voorgebakken naan

Dinsdag: Ravioli met tuinerwten-roomsaus

Woensdag: Croque monsieur met verschillende soorten kaas. Wel op tijd checken als je geen keuken vol gesmolten kaas wilt.

Donderdag: Fried rice met kruidenomelet

Vrijdag: Pita vegan shoarma met srirachamayo

WEEK 3

Zaterdag: Pizza Janneman (1 ’t klepperke rookt en 1 shrimps are in the air en die waren weer erg lekker!)

Zondag: Pasta ovenschotel met spitskool en breydelspek, maar dan met veggie speckjes

Maandag: Koude rijstsalade met “kip” en restjes groenten

Dinsdag: Gestoofd witloof met gebakken patatjes en kabeljauwhaasje

Woensdag: Kikkererwtencurry met spinazie, zoete aardappel en Berloumi

Donderdag: Rode kool met worst en puree (er zat nog rode kool in de diepvries)

Vrijdag: Arabische maaltijdsoep

WEEK 4

Zaterdag: Quiche met feta, zoete aardappelen en spinazie

Zondag: Groentelasagne, een ander recept dan vorige keer

Maandag: Curry van bloemkool en broccoli

Dinsdag: Spaghetti “bolognaise”, met tomatensaus, champignongs, paprika, wortel en vegetarisch gehakt

Woensdag: Oosterse wraps met tofoe

Donderdag: Gebakken patatjes, rauwkost en groentenburgers

Vrijdag: Beleg-je-eigen-pizza. En als je te moe bent, maak je er diepvriespizza van. Nah.

Ondertussen heb ik toch nog een pak nieuwe recepten verzameld, die staan te popelen om uitgetest te worden. Smakelijk!




Ge blijft toch eten?

Op 7 februari zwierde ik ons menu van de voorbije weken online. Als ik de commentaren mag geloven, werkte dat nog inspirerend en smaakte dat naar meer… Bij deze: een nieuw lijstje, met dezelfde bemerkingen:

  • Een recept is nog steeds geen grondwet. De meeste recepten zijn vegetarisch of pescotarisch, maar jij bent de chef. Wil je vegan eten? Doen! Wil je vlees? Koop het dan een beetje bewust.
  • Soms wijk ik af van recepten of kies ik voor de luie-wijven-variant. Want dat mag.
  • Mijn menu’s beginnen op zaterdag, omdat we die dag inkopen doen.

WEEK 1

Zaterdag: Vegetarische hotdogs, met zuurkool, harde broodjes, ketchup en mosterd.

Zondag: Maaltijdsoep met lettertjes (en brood). Wortel, prei, selder, tomaat, witte bonen en een paar verdwaalde linzen.

Maandag: Groentenlasagne met tomatensaus. Paprika, champignons, wortel, selder, prei, maïs en olijven in de tomatensaus. Vegetarisch gehakt in de bechamelsaus.

Dinsdag: Risotto met spinazie en ei. Héél lekker, maar niet mijn manier van koken. Ik loop heel graag rond tijdens het koken en dit potje had echt wel aandacht nodig.

Woensdag: Tortellini’s met ricotta (uit een pakske, luie-wijven-style) met selder, prei en champignons in aurorasaus. Dat is een duur woord voor “bechamelsaus met tomatenpuree”. Wij noemen het “mamasaus”, maar eigenlijk is het een variant op de “omasaus” die bij de selder met balletjes hoort.

Donderdag: Schorseneren met ereburgers en gekookte aardappelen.

Vrijdag: Gevulde paprika’s met rijst. Ik ging die avond zelf met een paar vriendinnen naar een Grieks restaurant en at daar veel te veel.

WEEK 2

Zaterdag: Spaghetti met linzenbolognese.

Zondag: Veggie traybake met zalmburgers.

Maandag: Vegan vol-au-vent met pommes duchesse.

Dinsdag: Hummus met gegrilde groenten, falafel en tahinsaus.

Woensdag: Mexicaanse rijstsalade. Negeer het stukje “met saladeverrijker” en stel zelf een leuke combinatie van bonen samen.

Donderdag: Pasta pesto met extra rucola.

Vrijdag: Gemarineerde halloumi-burgers met knapperige groenten. Wie niet over/achter de paywall geraakt; geef maar een seintje.

WEEK 3

Zaterdag: Rijstschotel met champignons, boerenkool en amandelen, met een stukje worst.

Zondag: Quiche met boerenkool, want ah ja, die moest op.

(Althans, dat was het plan. Maar er was geen boerenkool en dus kochten we bloemkool. En ik had zowel zaterdag als zondag geen zin om die klaar te maken. Diepvriesgroenten brachten redding!)

Maandag: Linzencurry, met een mengeling van kleuren linzen en cottage cheese ipv paneer.

Dinsdag: Gebakken patatjes, zalm en koude groentjes (komkommer, tomaat, paprika, maïs).

Woensdag: Couscous maaltijdsalade.

Donderdag: Zelfmaakpizza met kant-en-klaar-deeg. En dan maar beleggen met olijven, paprika, champignons, ansjovis, mozzarella, maïs, ui…

Vrijdag: Frietjes van de frituur. Héél erg lang geleden. We hadden ze eigenlijk op woensdag gepland, maar toen had Wim Friet vakantie.

WEEK 4

Zaterdag: Gnocchi met Philadelpiaroomsaus en champignons. De hesp werd vervangen door gerookte zalm.

Zondag: Mexicaanse ovenschotel met orzo.

Maandag: Hutsepot met groenteworst en graanmosterd. Klaargemaakt op zondag, dus extra lekker na een dagje rusten.

Dinsdag: Penne met rode pesto en kerstomaatjes.

Woensdag: Supersnel rijstpannetje met tuinbonen. Met een stukje zeebaarsfilet.

Donderdag: Vegetarische enchilada’s. Beetje valsgespeeld, want ik gebruikte de ingevroren overschot van de chili.

Vrijdag: Marokkaanse kikkererwtensoep met een lekker stuk brood.

Et voila, ge kunt er weer tegen voor de volgende weken. Ik heb echt heel hard mijn best gedaan om – opnieuw – een maand lang elke dag iets anders te serveren. Dat is hier dus zeker niet de gewoonte en om die reden wordt het maandmenu geen vaste rubriek. Maar ik blijf wel leuke recepten verzamelen en zwier ze op tijd en stond online!




Is ’t eten nog ni gereed?

Het keukengeheimen-blogje van enkele weken geleden kreeg een onverwacht staartje toen mensen hun boodschappenlijstjes en recepten begonnen te delen op Facebook. Bijzonder inspirerend was dat. Het leidde zelfs tot het schrijfsel van vandaag, waarin ik ons menu van de voorbije maand deel. Misschien zit er wel iets tussen dat jou aanspreekt.

Nog een paar dingetjes vooraf:

  • Op 1 uitzondering na zijn het allemaal “vleesloze” recepten. Soms zit er vis in, soms als-vlees-vermomde-vleesvervangers, soms niets. Daar doe je zelf volledig mee wat je wilt. Het is een menu, geen grondwet.
  • Een aantal gerechten zijn van zichzelf vegan of makkelijk te transformeren naar een vegan versie. Ze zijn niet in de lijst gekomen omdat ze vegan zijn, wel omdat het recept me aansprak.
  • Soms wijk ik af van recepten of kies ik voor de luie-wijven-variant. Want dat mag.
  • Mijn menu’s beginnen op zaterdag, omdat we die dag inkopen doen.

WEEK 1

Zaterdag: penne met kabeljauw en prei.

Zondag: gebakken gnocchi met paddenstoelen, basilicum en parmezaan.

Maandag: curry van aardappel en wortel met volkoren flatbread. Ik heb het zelfgemaakte flatbread vervangen door voorgebakken naan. Nog even afbakken in de oven en klaar.

Dinsdag: pasta feta. Probeer het ook eens zonder de tomaatjes te halveren. Werkt perfect.

Woensdag: croque pesto.

Donderdag: Napolitaanse pasta.

Vrijdag: rijst met stoofvlees en erwtjes. Geen recept van. Het stoofvlees kwam uit de diepvries en was overschot van een scoutsactiviteit.

WEEK 2

Zaterdag: Pizza Janneman. Ik koos een kipke cézaar en de wederhelft ging voor een putanesca met extra ansjovis.

Zondag: groene lasagne met tuinerwten, spinazie en mozzarella. Voor mij was het een nieuwe manier om bechamelsaus te maken, maar het ging best vlot.

Maandag: chili sin carne. Een mengeling van tomaten, ui, paprika, wortelen, kidney beans, witte bonen, nog-wat-andere-bonen, maïs, tomatenpuree en een zakje kruidenmix. Zure room mag niet ontbreken. Te eten met wraps of rijst. Ik maak altijd genoeg chili om nog een portie te kunnen invriezen.

Dinsdag: groentewraps met vegetarische schnitzel. Het werd vegetarische kipfilet, want die was in de aanbieding.

Woensdag: quiche met broccoli en geitenkaas, maar dan wel met kant-en-klaar deeg.

Donderdag: parelcouscous met rode kool en walnoten. De feta werd vervangen door halloumi, want dat was al lang geleden.

Vrijdag: overschotjes van woensdag en donderdag.

WEEK 3

Zaterdag: Uit eten bij Francesco in Kapellen. Bangelijk lekkere ravioli met truffel gegeten.

Zondag: rode kool met appeltjes, gebakken aardappelen en veggie worst.

Maandag: linzenstoofpotje met spruiten. Ik vergat de room, maar dat was geen probleem.

Dinsdag: erwtensoep met rookworst. Ik schrapte de crispy ui en verving het roggebrood door Turks brood. Probeer het trouwens eens met vegetarische rookworst!

Woensdag: traybake met gnocchi en boerenkool. Althans, dat was het plan. Maar ik had prei op overschot en nog geen boerenkool en dus werd het een stoofpotje met volkoren gnocchi.

Donderdag: pita falafel. En aangezien ik al een tijdje falafelballetjes in de diepvries had steken, gebruikte ik deze in plaats van er zelf te maken.

Vrijdag: penne in ’t groen.

WEEK 4

Zaterdag: vegetarische nasi met tempeh en eireepjes.

Zondag: macaroni met speckjes, broccoli en kaassaus, een variant op dit recept.

Maandag: vispannetje met puree.

Dinsdag: wortelwraps met geitenkaas, maar dan met extra komkommer en tomaatjes.

Woensdag: pasta met avocadopesto.

Donderdag: vegan curry met kikkererwten, kokosmelk en rijst.

Vrijdag: spinaziepuree met fishsticks.

Nog inspiratie nodig? Surf eens naar Knoflook en Citroenen, een niet zo gewone kook blog (de FB-pagina vind je hier). Er komen niet alleen hoofdgerechten aan bod, maar ook verdomd lekkere dessertjes/snoeperijen.

En nu is het aan jou. Wat staat er deze week bij jou op het menu? Ik ben benieuwd!




Keukengeheimen

Op vraag van een nieuwsbrief-lezeres: een blogje over keukengeheimen! Met een twist, weliswaar, want als je geheimen publiek maakt, dan zijn het geen geheimen meer…

Misschien moet ik beginnen met 6 keukeneigenaardigheden.

  1. Ik weet niet hoe ons koffiezetapparaat werkt. Op zich is dat geen probleem, want het komt in het beste geval 2 keer per jaar uit de kast; met kerst en tijdens het verjaardagsfeestje van de tienerdochter. En met een beetje pech is uitgerekend dan de koffie op. Want tja, die voorraad wordt dus niet gecontroleerd. Thee daarentegen hebben we in alle soorten en kleuren in huis.
  2. Ik bak regelmatig pannenkoeken en het lukt me niet om de juiste verhoudingen te onthouden. En dan komt dat kookboek van de boerinnenbond, dat manlief cadeau kreeg toen hij alleen ging wonen, elke keer opnieuw van pas.
  3. Ik heb nog nooit glazen gekocht. Ik nam er een aantal mee van huis toen ik op kot ging en daarvan zijn er nog enkele in onze kast te vinden. Bij manlief idem dito. De stock wordt af en toe aangevuld met gratis glazen of gekregen glazen. En zo hebben we een heel eclectische verzameling, om het sjiek te zeggen.
  4. Ik heb een fantastische keukenmachine op mijn aanrecht staan. Daarop worden het ganse jaar door bonnetjes van de AH verzameld. Maar ik vind het teveel gedoe om ze te gebruiken (en af te wassen). Dus wordt de machine veel te weinig gebruikt.
  5. Ik heb een hekel aan deeg dat aan mijn handen blijft kleven. En dat is nog zacht uitgedrukt. Klei en zand lokken hetzelfde gevoel uit. Hoor ik daar het woord “smetvrees”? 🙂
  6. Ja, ik heb een kast vol “Tupperware”. En ja, net als bij jou is dat een eeuwige bron van rommel. Maar ik zou echt niet zonder kunnen.

En dan… Hoe run ik mijn maaltijden?

  1. Alles begint op vrijdagavond/zaterdagochtend. Ik controleer de voorraden en stel een weekmenu op. Tot enkele weken geleden waren dat een paar ruwe ideeën, maar sinds de tiener stage doet en in shiften staat komt er wat meer denkwerk aan te pas. Menu opstellen dus en boodschappenlijst aanvullen.
  2. Op zaterdag wordt er gewinkeld. En vastgesteld dat de koelkast te klein is. Gelukkig hebben we ook nog een grote diepvrieskist. Tussen haakjes: ja, wij bewaren ons brood in de diepvries. Er zijn mensen die er van gruwelen, maar het werkt perfect.
  3. Zondagochtend duik ik de keuken in. Ik maak regelmatig broodpudding en soep (koken met restjes!) en ook het avondeten voor maandag wordt voorbereid. Dat is een cadeau aan mezelf, zodat ik na die eerste werkdag rustig kan thuiskomen. Mijn huisgenoten zijn niet altijd even enthousiast over de etensgeuren die zich zo vroeg door het huis verspreiden. Je zal als vroege vogel maar met 2 nachtbrakers samenwonen…
  4. Ik probeer er rekening mee te houden op donderdag geen al te zware kost op tafel te zetten. De heer des huizes gaat ’s avonds lopen met de vriendjes en een ovenschotel met kool en kaas is dan een slecht idee.
  5. Overschotjes? Invriezen of de volgende dag meenemen als lunch! Zo’n diepvries met overschotjes is trouwens een zaligheid op momenten waarop je helemaal geen tijd, zin of fut hebt om te koken. En er is echt helemaal niks met met af en toe een diepvriespizza, take away of soep met brood als avondmaaltijd.

Als het noodlot zou toeslaan, heb ik altijd volgende zaken in huis:

  1. Rijst, pasta, couscous, linzen, noedels. Vooral rijst is een grote kanshebber, aangezien we die aankopen in zakken van 5 kilogram.
  2. Ajuin, look en gedroogde kruiden.
  3. Brood, soep en pizza in de diepvries.
  4. Confituur, choco, speculoospasta en pindakaas.
  5. Met een beetje geluk zijn er nog een paar eieren en de kans op de aanwezigheid van kaas is ook tamelijk groot.
  6. In de voorraadkast: melk, vegetarische Weense worstjes, allerlei soorten bonen en tomatenpuree.

Als dat noodlot beslist dat er geen elektriciteit is, hebben we wel een probleem. Want wij hebben een elektrisch vuur. Gelukkig staat er een houtkachel in de woonkamer en daarop kan ook gekookt worden.

Over dat elektrisch vuur gesproken… Nog 4 uitsmijters:

  1. Ik heb jaren op gas gekookt en heb toch een tijdje nodig gehad om de overstap te maken. Maar nu kook ik vlotjes met restwarmte. Lekker eco enzo.
  2. Kruiden! Ik gebruik zelden zout, tenzij ik voor anderen kook. Maar kruiden, vers en gedroogd, ontbreken nooit.
  3. Clean while you cook. Zodra mijn laatste pot of pan van het vuur gaat, is de keuken proper. De afwasbak is afgedroogd, de oppervlakken zijn afgekuist en de klep van de dampkap blijft uitgetrokken zolang het vuur niet proper is gemaakt. Op die manier kan ik rustig eten en daarna in de zetel neergooien (of naar een vergadering hollen) zonder me nog zorgen te moeten maken over een ontplofte keuken.
  4. De vaatwasser maak ik bij voorkeur ’s avonds leeg. Ik heb zelden last van een ochtendhumeur, maar een ochtendlijke confrontatie met een vaatwasser die op muisstille wijze moet worden uitgeladen kàn er teveel aan zijn.

Zal ik dan toch maar beginnen over vegan, veggie, pesci en flexi?

Tot 4 jaar geleden aten we elke dag vlees of vis bij ons avondeten. Manlief had al een paar keer laten weten dat hij minder vlees wilde eten, maar aangezien ik (meestal) de kok was negeerde ik die boodschap vrolijk. Tot onze dochter, net 14 geworden, van het ene moment op het andere besliste dat ze geen vlees meer zou eten. Nog wel vis, maar vlees hoefde dus niet meer. Mja, daar stond ik dan. Ik ben een vrij luie kok (kijk, nog een eigenaardigheidje) en had echt geen zin om elke avond 2 verschillende potjes te koken. En dus gingen we pesci. Maar ook weer niet alle visjes, want sommige worden overbevangen en dat is niet ok.

Het toffe aan die niet-vleesetende tiener is dat ze niet probeert om de wereld te bekeren. Ze doet er ook niet moeilijk over als haar groentenburger op kamp in dezelfde pan wordt gebakken als de hamburger van iemand anders. Ik kan bij de frituur een curryworst bestellen (ok ja, “vlees” is relatief 🙂 ) zonder daar commentaar op te krijgen. Op voorhand had ik me voorgenomen mijn schade dan wel in te halen tijdens een restaurantbezoek. Maar tijdens de zeldzame keren dat ik uit huis eet, hoor ik mezelf vaak vis bestellen. Vorige week heb ik dan weer een paar keer vegan gekookt zonder het zelf te beseffen.

’s Ochtends drink ik een tas sojamelk, maar bij mijn granen doe ik koemelk. Ik bekeer mensen niet. Informeren doe ik dan weer met plezier. Op de scouts ben ik diegene die aan de vegetarische kar trekt, zonder daar al te fanatiek in te zijn. En zo heb ik het graag. Ik ben vorige week nog in de clinch gegaan met een fanatieke vegan-predikant, waardoor ik daarna wél enorm veel zin had in een stukje vlees. Nah! 😉

Lang verhaal kort: ik ga niet voorschrijven wat jij mag, niet mag en moet eten. Dat bepaal je helemaal zelf. Wat ik wél leuk zou vinden, is dat je mee probeert verspilling tegen te gaan. Door minder/bewuster te kopen. Of door restjes te verwerken. Heus, da’s e-zie!




Do believe the hype!

TikTok. Een socialemedia app waarmee korte video’s gemaakt en gedeeld kunnen worden. Een samenvoegsel van musical.ly en een eerdere versie van TikTok. En vooral een fenomeen dat ik bewust aan mij voorbij heb laten gaan omdat ik het allemaal nogal oppervlakkig vond. Maar nu zelfs politici de weg hebben gevonden, moet ik dat idee misschien eens herbekijken.

Anyway. Het links-laten-liggen-van-TikTok is dus de reden waarom een culinaire hype van eind 2020/begin 2021 pas vorige week tot in mijn keuken kon doordringen. De tiener des huizes wist meteen te vertellen dat het oud nieuws was; die is duidelijk wél helemaal mee.

Een beetje tekst en uitleg. In februari 2019 (!) postte Jenni Häyrinen, een Finse blogster een recept voor uunifetapasta op haar blog. “Uuni” is oven en de rest vertaalt zichzelf wel, denk ik. In het Engels wordt uunifetapasta vertaald als “oven baked feta”.

De naam van de blog is “Liemessä”, wat volgens Google translate “in de soep” betekent en volgens Jenni zelf “in een augurk”. Enfin, het is dus een foodblog die zeker het bekijken waard is.

Terug naar de uunifetapasta. In september 2020, anderhalf jaar later, schrijft Jenni:

”Baked feta pasta! Have you already tried this viral hit pasta? I have. Just this morning when I invented it”. With these words I started of the original blog post 1,5 years ago – with a twinkle in my eye. The funny thing is that #uunifetapasta actually turned into a viral hit in Finland and everybody was cooking it. By everybody I mean EVERYBODY! The feta cheese sales went up 300 % here, the shops were running out of baked feta pasta ingredients and by this date the original uunifetapasta recipe post has over 2.7 million views. Finland has 5.5 million inhabitants, to put things into perspective.

En daar bleef het dus niet bij. Buitenlandse bloglezers zorgden ervoor dat het concept over de hele wereld verspreid werd. Uunifetapasta werd al snel een internationale hype, met een eigen hashtag.

Maar aangezien ik soms op een andere planeet leef, duurde het dus tot 10 december 2021 voor de uunifetapasta in mijn leven kwam. Want op die dag plaatste Emmy Cho van Emmymade het filmpje “Is The Tiktok Baked Feta Pasta Up To The Hype? 🍝” online.

Ik volg Emmy al sinds de beginjaren. Op dat moment woonde ze in Japan en testte ze Japanse snoepkits uit. Ik zou een hele ode kunnen schrijven, maar blijkbaar heeft iemand dat al eens gedaan en kwam er een paar dagen geleden een update van dat artikel. Ik verwijs dus graag naar deze link.

Al tijdens het bekijken van de video noteerde ik dat er kerstomaatjes en feta moesten gekocht worden. Want ik was overtuigd: dit is simpel, snel klaar en lekker. Meer moet dat niet zijn.

Het principe is e-zie: je neemt je ingrediënten, legt ze in een ovenschaal, zet alles een tijdje in de oven, kookt je pasta, roert de saus, giet de pasta af en mengt het geheel onder elkaar.

Volgens het originele recept heb je voor 4 personen volgende ingrediënten nodig:

  • 450 gram pasta van durumtarwe
  • 200 gram Griekse feta
  • 500 gram kerstomaatjes
  • 4 teentjes knoflook (optioneel)
  • 1/2e kopje olijfolie
  • 1/2e rode chilipeper
  • zwarte peper
  • zout
  • verse basilicum

Ik vergat de chilipeper en maakte dat goed door achteraf cayennepeper toe te voegen. Het zout liet ik weg, maar met de look liet ik me volledig gaan. Ik voegde tijdens het bakproces verse rozemarijn toe. En die basilicum is voor een volgende keer, want die stond niet op het boodschappenlijstje.

En dan haal je potten en pannen boven. Je begint met een ovenschaal, waarin je een bodempje olijfolie giet. Leg de feta in het midden en plaats de chilipeper daar bovenop. Drapeer de kerstomaatjes rond dit torentje. De look-liefhebbers voegen nog wat look toe. Kruiden naar wens en dan het geheel overgieten met een extra laagje olie. Bak ongeveer 15 minuten op 200 graden. Daarna zet je de grill op 225 graden, zet de je schotel een verdieping hoger en laat je het geheel nog 10 minuten verder pruttelen.

Ondertussen kook je de pasta en geniet je van het aroma dat zich door de keuken verspreidt. Zet de oven af, “breek” de feta en de kerstomaatjes en roer ze tot een mooi mengsel. Giet je pasta af en verwerk deze onder de saus. Voor een betere binding kan je een scheutje pastawater toevoegen. Werk af met de basilicum en klaar.

Online kan je al heel wat variaties op dit recept vinden. Ik voegde gesneden zwarte olijven toe voor wat extra smaak.

Verdict: do believe the hype. Geen werk en lekkeuhr!

Uitsmijter voor wie me volgt op Instagram. Ik postte zondagavond:

“De TikTok-hype die er bijna een jaar over heeft gedaan om tot in mijn keuken door te dringen. Eenvoudig en lekker. En om nooit meer te herhalen met een zondagavondbrein.

Ik wilde vanavond een blogje voorbereiden over kestmis. Het zal er eentje over epic fails worden… (Gelukkig heb ik nog een paar dagen om te bekomen. Blogje voor morgen was al klaar.)

#gewoone #gewooneblog #hype #tiktok #kerstomaatjes #feta #pasta #simpel #isereendokterindezaal”

Het ging dus fout. Heel erg fout.

Kijk. Normaal gezien gebruik ik enkel vuurvaste schotels in de oven. Maar sinds kort hebben we een pan die zowel op het vuur als in de oven kan. Eentje met 2 handvatten. En het leek me wel leuk om die te gebruiken, zodat ik achteraf zeker voldoende volume zou hebben om de pasta toe te voegen. So far geen probleem. Alleen… Mijn zondagavondbrein was niet helemaal mee. Het is geconditioneerd om te weten dat ovenschotels warm zijn en de handvatten van de pan koud blijven als de pan op het vuur staat. Maar als die pan vanuit de oven op het vuur wordt gezet, zitten we in een nieuw scenario. Eentje met 6 verbrande vingers, blaren, veel flammazine en gaasjes. En schaamrood op de wangen, dat ook wel.

Maar goed. Iets met ezels en stenen, dus dat komt wel goed.

Heb jij trouwens nog een super gemakkelijk receptje liggen? Zoiets voor wanneer je tijdens de feestdagen of na een drukke werkdag helemaal geen zin hebt om te koken? Deel het met de wereld!




Smaakvolle sapjes

Examentijd? Sapjestijd! Ik ben vergeten hoe het ooit allemaal begon, maar het is duidelijk een zeer gewaardeerde traditie in ons huishouden.

Sapjes dus. Of smoothies. Of hoe je het ook wilt noemen. De vloeistof die in de loop van de namiddag door de vrouw des huizes wordt bereid. Waarna nog maar eens wordt vastgesteld dat er te veel is gemaakt en niet alleen de student, maar ook moeder en vader een vitaminenbad nemen.

Over het gezondheidsgehalte van smoothies is trouwens al veel gezegd en geschreven. Maar laten we ook even denken aan de mentale component; pauze nemen, jezelf (laten) soigneren, bewust smaken en geuren opnemen, nieuwe combinaties proberen. Daarvoor alleen al zou je het doen.

(De oorspronkelijke titel van deze blog was “sapjes voor studenten”. Maar het zijn dus sapjes voor iedereen. Want iedereen is een sapjesmoment waard!)

Nog een aantal puntjes voor ik aan de eigenlijke recepten begin:

  • Ik heb een geweldige Kenwood-met-blender in de keuken staan, maar de praktijk leert dat een staafmixer ook zeer goed werkt. Wees wel lief voor je apparatuur; je mixer leeft aanzienlijk langer als je vloeistof bij je bevroren fruit giet en dan pas aan de slag gaat.
  • Diepvriesfruit is ideaal voor sapjes. Iets te rijp fruit trouwens ook.
  • Heel veel smoothie-recepten bevatten banaan. De mijne niet. Ik heb namelijk nogal wat issues met bananen. Een allergie, om er maar eentje te noemen. (Gek genoeg kan ik wel tegen gedroogde bananen en bananensnoep.) En met de geur heb ik het ook niet helemaal. Jawel, ik ben diegene die fruitpap maakte met gestrekte armen, om de banaan toch maar niet in de buurt te hebben. Ieder zijn afwijking, nietwaar? Bananen zorgen wel voor een lekker smeuïge textuur. Maar die verkrijg je ook door yoghurt, avocado of havermout toe te voegen.
  • De meeste van mijn recepten zijn geschikt voor amateur-smoothisten. Gevorderde gebruikers wil ik al een beetje op weg zetten richting de zogenaamd groene smoothies, die vooral groene groenten bevatten.
  • Ik gebruik in mijn sapjes vaak plantaardige “melk”. Dat hoeft niet, maar is sowieso een leuke manier om kennis te maken met alternatieven. Heb je niks met chiazaad en lijnzaad? Dan laat je dat weg en kies je een ander ingrediënt.
  • Tip: je kan smoothies vermommen als ijsje. Helemaal een verwen-momentje!

Recept 1: bluesy smoothie

Maak je met: 150 gram blauwe bessen, 150 ml (of meer) havermelk, agavesiroop, 1 eetlepel chiazaad.

Recept 2: pink smoothie

Maak je met: een halve rauwe rode biet, een handvol frambozen, sap van een halve citroen (of minder, als je het liever wat zoeter hebt), 200 ml gezoete amandelmelk.

Recept 3: groene smoothie

Maak je met: 100 gram spinazie, 1 appel, klein stukje gember, sap van 1 limoen, 1 theelepel lijnzaad. Afhankelijk van de dikte van je smoothie kan je nog een extra appel of water toevoegen.

Recept 4: tropische smoothie, niveau 1

Maak je met: 50 gram avocado, 50 gram mango, 50 gram ananas, 50 ml kokosmelk, 100 ml gezoete amandelmelk. Extra zoetstof is meestal niet nodig.

Recept 5: tropische smoothie, niveau 2

Maak je met: 150 gram mango, 100 gram ananas, 3 stengels paksoi, 100 ml ongezoete kokosmelk, 100 ml water.

Recept 6: toch-eentje-met-banaan smoothie

Maak je met: 1 rijpe banaan, 4 dadels (best vers, anders een tijdje laten weken, en al in stukjes gesneden), een beetje kaneel, 1 eetlepel lijnzaad, 250 ml rijstmelk. Eventueel bijsmaken met vloeibare honing.

Recept 7: appelmoes smoothie

Maak je met: 400 gram appelmoes, 2 eetlepels honing, 1 theelepel nootmuskaat (mag ook zonder), 2 theelepels kaneel (tenzij die al in je appelmoes zit), 200 ml appelsiensap.

Recept 8: smoothie met yoghurt

Maak je met: 150 gram ananas, 150 gram Griekse yoghurt, eventueel agavesiroop. Een blaadje munt als decoratie past perfect.

Recept 9: kerstsmoothie

Een smoothie met laagjes! Ik kwam hem vanochtend tegen op de website van Voedzaam & Snel en was er meteen verliefd op. Voor het recept verwijs ik jullie naar hun website.

Hiermee moet het wel lukken om de examenperiode en/of donkere dagen door te komen. Niet? Heb jij nog leuke recepten? Post ze gerust hieronder, dan hebben de anderen er ook wat aan.




Vijgen na Pasen

Onze buurman heeft – tot groot jolijt van onze tuintijgers – een paar stevige vijgenbomen in de tuin. Dagelijks haalt hij zijn zelf geknutselde “oogststok” boven; een doorgeknipte petfles die met de teut op een borstelsteel is bevestigd. Aan de petfles zit nog een uitsteeksel waarmee hij tegen de steeltjes van de vijgen tikt. Vervolgens vallen de vijgen in de fles en kan er gegeten worden. E-zie!

Manlief was gisteren de laatste courgettes en tomaten aan het oogsten toen Hassan een zakje vijgen over de schutting stak. En daar zeggen we niet nee tegen. Want vijgen zijn, met een suikergehalte van 55%, toch wel een behoorlijk lekker stukje fruit. En gezond zijn ze ook nog, met hun:

  • vitamine A – goed voor de ogen en de huid
  • vitamine B – goed voor de stofwisseling
  • mineralen zoals calcium, kalium, koper, ijzer en selenium – goed voor botten, hart en bloedvaten

Wist je trouwens dat vijgen een natuurlijk geneesmiddel tegen keelpijn zijn?

En toen moest ik dus denken aan de uitdrukking “vijgen na Pasen”. Want hoe zat dat ook alweer juist? Dokter Google kon me gelukkig snel helpen.

In het kort. Vijgen na Pasen betekent dat iets te laat is om nog zinvol te zijn. Aanbieden om de afwas te doen nadat het laatste bord in de kast is gezet, bij voorbeeld. Of je schoenen uitkloppen nadat je de mat vol zand hebt gestrooid.

Ja ok, maar waar komt de uitdrukking vandaan?

Wie tegenwoordig nog meedoet aan de vastentijd, de 40 dagen tussen Aswoensdag en de Goede Week, let op zijn voeding. Er wordt minder gegeten of minder gesnoept. De ene matigt het drinken, de andere let wat op zijn rookgedrag. Wat je doet, kies je dus zelf.

Vroeger vaardigde de Kerk een lijst uit van wat je wel en niet mocht eten. Gedroogde vijgen waren één van de weinige zoetigheden die gegeten mochten worden en waren dus bijzonder populair. Maar! De vijgenbomen lagen – bij wijze van spreken – niet voor het oprapen. Vijgen moesten dus worden geïmporteerd en dat ging een pakje trager dan de Ali Express van tegenwoordig. Soms kwamen de vijgen dus te laat aan en sprak men van “vijgen na Pasen”. Ze waren veel minder gegeerd, omdat er op dat moment volop gesnoept mocht worden van andere lekkernijen.

Uitsmijters!

Nederlanders spreken over “mosterd na de maaltijd“. De vijgen-uitdrukking is bij hen minder gekend.

Voor de gansrijders onder ons: Aswoensdag is de dag na Dollen Destag.

Wat ze mij op school zijn vergeten te vertellen, maar wat Wikipedia gelukkig wel wist: “De vastenperiode duurt in totaal 46 dagen, zo’n zes en een halve week. Op 40 dagen wordt er daadwerkelijk gevast, de zes zondagen zijn hiervan uitgezonderd.”. De week voor Pasen, de Goede Week dus, behoort niet meer tot de vastentijd. Dus dan moet er ook niet meer gevast worden.

En nu we toch over heiligdagen bezig zijn. Heb jij al een adventskalender gekocht? Wij halen elk jaar een exemplaar met chocoladefiguurtjes in huis. Dit jaar hebben we er eentje met snoep en… een verrassing, waarover ik nog niets kan verklappen omdat onze dochter naar eigen zeggen ook meeleest. Later meer dus!

E.




Bye bye bokes

Ik ben geen fan van boterhammen. Het enige moment waarop ik vol smaak een sneetje brood naar binnen werk, is vlak nadat ik bij de bakker buiten ben gestapt. Broodzak open, korstje opvissen en smullen. Maar het wordt een heel ander verhaal als datzelfde brood mee naar het werk gaat. Uitgedroogde boterhammen, wakke boterhammen, ijskoude boterhammen,… ze zijn allemaal de revue gepasseerd.

Gelukkig hebben we bij ons op het werk een microgolf. Niets zo lekker opgewarmde overschotjes van de vorige avond.

Maar: onze tienerdochter, die ook een ingewikkelde relatie heeft met brood, heeft dat geluk niet. En dus gingen we op zoek naar gemakkelijke alternatieven.

(Blijkbaar moet je tegenwoordig overal een disclaimer bij zetten. Dus bij deze: ik ben geen voedseldeskundige en doe ook maar wat. Ik ben absoluut geen gezondheidsfreak en geloof in afwisseling. Dit systeem werkt voor ons en daar ben ik blij mee. Het alternatief is een tiener die zich ’s middags volpropt met snacks en broodjes smos.)

Al snel kwamen we uit bij hartige muffins: we haalden havermout boven, pitten, noten en gedroogd fruit en trokken de keuken in. De soliconen bakvormpjes hadden we al en doen het na al die jaren nog perfect. Ze zijn stevig genoeg om zonder extra bakvorm overeind te blijven in de oven en je bespaart er kilo’s papieren vormpjes mee. Eiermuffins met prei en paprika zijn trouwens ook een aanrader.

(Oh ja: als je kind nog wat kleiner is en je geeft de eerste keer muffins mee: verwittig de juf. Op die manier weet ze dat je aan verantwoorde voeding doet en je je kind niet volstopt met zoetigheid. Het is maar een tip. 😉 )

Nog een klassieker: soep. Elk weekend maak ik een keteltje soep. Ideaal om restjes groenten weg te werken én snel klaar. Ik vries ze in in porties (leve de bakjes van de Chinees!), die ik de avond voor gebruik uit de vriezer haal. ’s Ochtends opwarmen en ’t is klaar. Gemixte soep is handiger om op verplaatsing te eten. Schrik dat er snel terug een hongertje opduikt? Doe na het koken wat lettertjes of linzen in je brouwsel. Of geef soepstengeltjes mee. Er zijn er korte in de handel, die je in een potje kan doen en best wel enkele uren in de boekentas kunnen overleven. Wij gebruiken de isoleerfles van Dopper (zowel de grote als de kleine). Het bovenstuk is van plastiek, waardoor je soep lichtjes afkoelt. Maar het voorkomt wel dat de soep ’s middags nog kokend heet is. De dop kan je als beker gebruiken.

Onlangs weigerde de wekker dienst en was er ’s ochtends geen tijd meer om te ontbijten (de lunch was gelukkig ’s avonds al voorbereid). Gezwind haalde onze dochter de pot yoghurt boven, goot een deel over in de lunchpot, stak nog wat muesli en extra rozijnen weg en vloog naar school. Ze was nog net voor de bel op school en kreeg van haar leerkracht nog de kans om in de klas te ontbijten. Sindsdien gaat er regelmatig yoghurt mee naar school. Een beetje vers fruit erbij, zorgen voor voldoende vezels en je bent klaar om er nog een middagje tegenaan te gaan.

Pasta opwarmen is dan misschien geen optie, maar een pastasalade is dat wel. Kook bij het avondeten een portie pasta extra, laat afkoelen en snij er dan wat koude groenten bij. En met een stukje gerookte zalm wordt het helemaal een feest!

Na een nachtje in de koelkast is je slaatje lekker koel. Dressing doe ik er pas op het allerlaatste moment (of zelfs niet) bij. We hebben ondertussen een heel arsenaal aan potjes in huis. En een paar “reisbestekken“, die super handig zijn om op te bergen.

Aardappelsalade en rijstsalade zijn lekkere alternatieven.

Nog inspiratie nodig? Wat dacht je van een bagel met eiersla? Of een wrap met kruidenkaas, rucola, avocado en een stukje vis, kip of vleesvervanger? Een koud stuk quiche kan ook behoorlijk lekker zijn. (Pizza trouwens ook, maar ook dan hangt het wat af van de leeftijd van je kind.) Of een sandwich met een boerenomeletje. Ik steek ze allemaal in een foodwrap, die je rond je eten wikkelt en minder plaats inneemt dan een brooddoos. We hebben er een stuk of 4 in omloop en ze hebben hun nut al meermaals bewezen.

Mijn collega toverde vorige week zowaar een mini kaasplankje op tafel. Kaas, nootjes en druiven; aan alles had ze gedacht. Misschien moet ik dat idee maar eens kopiëren. Of informeren of er nog collega’s voor dat idee gewonnen zijn. En hopla, daar is weer een idee geboren! 🙂

Wat zit er trouwens in de lunchtrommels van jullie kinderen? Geloven zij nog wel in bokes-met-choco? Laat het hieronder zeker weten!

E.